Dubbele plooi

Plooien bestaan uit vouwen op gelijk verdeelde, gemarkeerde lijnen, die aan de bovenrand worden vastgemaakt. De afstand tussen de gemarkeerde lijnen wordt de diepte van de plooi genoemd. Leg voor een dubbele plooi de buitenste gemarkeerde lijnen van de plooi met de verkeerde kanten op elkaar en speld dit vast. Naai langs de gemarkeerde lijn tot en iets over de naadlijn. Pers de plooi plat en centreer daarbij de naadlijn gelijkmatig tussen de zijvouwen van de plooi. Om de steken bovenaan de plooi vast te zetten, naait u over de bovenkant van de plooien (boven de naadlijn) in een halve cirkelvorm, beginnend en eindigend bij de zijkanten van de plooi.